auteur: Lieke Hulshof

Tweemaal per maand brengt Lieke Hulshof verslag uit over haar belevenissen in India.
In het noorden van India, uitkijkend op de Himalayas, ligt het stadje Pauri tussen sparren en naaldbomen. Het is het oord waar Karan en Lieke hun project zijn gestart: Adara, een groei-leer-werk centrum voor de lokale gemeenschap en internationale bezoekers. Een plek voor uitwisseling, veerkracht, ontspanning, verbinding en ontwikkeling.

Balou en Mango

Karan is Nederlands aan het leren. Gewoon, voor de leuk. Elke ochtend maakt hij oefeningen op de Duolingo app. Dit doet hij al zo’n 300 dagen. Nog 65 te gaan, dan heeft hij zijn uitdaging volbracht. Wanneer we bezig zijn met onze klusjes in huis hoor ik hem regelmatig wat mompelen. “Het paard heeft dorst.” Of “de eenden eten rijst”. Zijn lievelingszin is: “Zij zijn zijn zonen”. Wanneer hij me passeert in de hal, zegt hij in een mooi accent zoiets als: “Lieke, het hert wil wat water.” “Oké”, antwoord ik dan. En we gaan verder met onze dag.

Soms komen er moeilijke vragen. Waarom is het ‘dé koe’ en ‘hét paard’? Waarom kan ik wel ‘ik ken haar’ zeggen, maar niet ‘ik ken hoe dat moet’? Ik kan het niet beantwoorden. Ik weet niet waarom mijn taal is zoals die is. Het is als broccoli eten en niet weten waar het vandaan komt. Groeit het aan een boom of aan een plant? Je weet slechts hoe je het moet klaarmaken en in welke gerechten het past. Met groenten vind ik het een openbaring om te weten hoe het groeit. Vol verbazing kijk ik naar de eerste broccoliplanten in de tuin. Uit de broccoli groeien gele bloemetjes, daarna zijn daar de kwetsbare zaadjes zo gekoesterd gedragen in hun hulsels. Met taal maakt het me niet zo veel uit, als ik me maar verstaanbaar kan maken. Mijn Hindi is dan ook veel hand- en voetwerk. Het houdt me creatief.

Ik loop de woonkamer binnen. Het is avond. Een lichtjeskoord vult de ruimte met zacht warm licht. We hebben net wat gegeten samen met Panku. Vegetarische burger en frietjes, wat een verwennerij. Panku is twaalf jaar en komt bij ons voor bijles. Zijn grootouders wonen in het bijgebouw op het erf. In zijn vrije tijd is Panku graag bij ons te vinden. Hij is leergierig en doet hier allerlei ervaringen op, zoals yoga, rekenen en tekenen, Engels, muziek maken, eitjes bakken, kleien, enzovoorts. Waar de andere kinderen na de les naar huis gaan, blijft Panku vaak nog even hangen. Soms helpt hij bij een klein klusje of drinken we samen thee. Inmiddels zijn Karan en Panku erg op elkaar gesteld.

Nu staan ze beiden in de woonkamer gebogen over een mij onbekende doos. “Wat is dat?”, vraag ik. Nieuwsgierig kijk ik in de doos. Twee witte konijntjes lichten op in de schemer. Ik smelt. Een paar weken terug begon Karan over konijnen. Hij wilde er graag twee hebben en hij vroeg iemand het te regelen. “Je kunt niet zomaar konijnen nemen”, zei ik verstandig. “Wie gaat voor ze zorgen? Waar gaan ze dan wonen? We hebben niet eens een hok. We moeten eerst dat soort dingen bespreken.” Karans antwoord was: laat ze eerst maar komen, dan volgt de rest vanzelf. En dat lijkt zo te zijn. Alles komt op hagelwitte pootjes terecht. Balou en Mango. We geven ze hooi van het land. Ze leven voor even in een doos en rennen rond in de tuin terwijl Karan en Deepak hun hok bouwen. Waarom ook niet? En ondertussen is er weer een Nederlandse zin bijgeleerd: “De konijnen hebben honger.”


Als je regelmatig en graag goed nieuws leest, dan is nu een goed moment om ons te steunen. Goed Nieuws is gratis toegankelijk voor iedereen en wordt gefinancierd door lezers. Elke bijdrage, hoe groot of klein ook, geeft voeding aan onze journalistiek en verzekert de toekomst van goednieuws.be. Steun Goed Nieuws al vanaf 1 euro - het duurt maar een minuutje. Dank je.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here