Redactrice: Anne Desreveaux - foto: Konrad Mebert - CC-BY-4.0

Olivier Pauwels, bioloog van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) te Brussel, en zijn buitenlandse collega’s hebben in 2021 al zes nieuwe slangensoorten kunnen ontdekken. Twee hiervan zijn soorten in Centraal-Afrika, drie anderen werden gevonden op kalksteenbergen in Thailand en de laatste hebben ze ontdekt in het noorden van Zuid-Oost-Azië en ten zuiden van China.

Hoewel intussen al meer dan een miljoen soorten beschreven zijn, worden er elk jaar door taxonomen toch weer nieuwe soorten ontdekt. Vooral van de insecten vermoeden wetenschappers dat slechts een fractie van de soorten al gevonden is. Vaak wordt gedacht dat van de grotere, gewervelde dieren het merendeel wel al gekend is, maar dit is volgens Pauwels helemaal niet waar.

Dankzij de coronacrisis hadden Pauwels en zijn team meer tijd om alle soorten te onderzoeken. Pauwels zegt dan ook dat het afgelopen jaar heel vruchtbaar was voor al het taxonomisch onderzoek omdat buitenlandse expedities helaas moesten worden afgelast, wat onderzoekers meer tijd gaf om soorten grondig te bestuderen en er publicaties over te schrijven.

Twee van de recent ontdekte soorten komen voor in Centraal Afrika en ze behoren tot hetzelfde geslacht, namelijk de Toxicodryas. Hiervan werden er eerder ook al twee soorten gevonden, maar dankzij genetisch onderzoek en het bestuderen van de uiterlijke verschillen, werd het duidelijk dat hier nog twee nieuwe soorten aan moesten worden toegevoegd. De eerste van de twee soorten kreeg de naam Toxicodryas vexator, en deze kan zo’n drie meter lang worden, leeft in bomen en is vooral ’s nachts actief. De tweede soort, de Toxicodryas adamantea, is iets kleiner en wordt ongeveer een meter lang.

De overige vier nieuwe soorten werden gevonden in Azië. Een van deze soorten, die de naam Trimeresurus kuiburi kreeg, leeft in het noorden van Thailand en kan een lengte van 52 centimeter bereiken. Twee andere Aziatische soorten kregen de namen Oligodon phangan en Oligodon promsombuti. Beide soorten worden niet langer dan één meter en zijn vooral te vinden op gebergten of kliffen met kalksteen. De laatste nieuwe soort, de Hebius igneus kan een lengte van 60 cm bereiken en leeft rondom bergrivieren.

Pauwels benadrukt graag dat nog zoveel dieren en planten erop wachten om ontdekt te worden. Hoe meer kennis we kunnen verwerven over elke soort die leeft op onze aarde, hoe dichter we staan bij het beschermen en bewaren van onze natuur. Verder tonen Pauwels en zijn team ook aan hoe belangrijk genetisch onderzoek en natuurwetenschappelijke collecties zijn om nieuwe soorten aan het licht te brengen.


Als je regelmatig en graag goed nieuws leest, dan is nu een goed moment om ons te steunen. Goed Nieuws is gratis toegankelijk voor iedereen en wordt gefinancierd door lezers. Elke bijdrage, hoe groot of klein ook, geeft voeding aan onze journalistiek en verzekert de toekomst van goednieuws.be. Steun Goed Nieuws al vanaf 1 euro - het duurt maar een minuutje. Dank je.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here